Zelfstudie: De inschrijvingsfuncties voor zakelijke Apple-apparaten in Apple Business Manager (ABM) gebruiken om iOS-/iPadOS-apparaten bij Intune in te schrijven
Met behulp van de functies voor apparaatinschrijving in Apple Business Manager kunt u apparaten eenvoudiger inschrijven. Intune biedt ook ondersteuning voor de oudere DEP-portal (Device Enrollment Program) van Apple, maar we raden u aan opnieuw te beginnen met Apple Business Manager. Met Microsoft Intune en Apple Corporate Device Enrollment worden apparaten automatisch veilig ingeschreven wanneer gebruikers het apparaat voor de eerste keer inschakelen. U kunt apparaten daarom naar vele gebruikers verzenden zonder elk apparaat afzonderlijk te hoeven instellen.
In deze zelfstudie leert u het volgende:
- Een Apple-token voor apparaatinschrijving ophalen
- Beheerde apparaten synchroniseren met Intune
- Een inschrijvingsprofiel maken
- Het inschrijvingsprofiel toewijzen aan apparaten
Als u niet over een Intune-abonnement beschikt, kunt u zich registreren voor een gratis proefaccount.
Vereisten
- Apparaten die zijn gekocht in Apple Business Manager of het Device Enrollment Program van Apple
- De instantie voor het beheer van mobiele apparaten instellen
- Een Apple MDM-pushcertificaat ophalen
Een Apple-token voor apparaatinschrijving ophalen
Voordat u iOS-/iPadOS-apparaten inschrijft met behulp van de zakelijke inschrijvingsfuncties van Apple, hebt u een bestand met een apparaatinschrijvingstoken van Apple (.pem-bestand) nodig. Intune kan met deze token informatie synchroniseren over Apple-apparaten die het eigendom zijn van uw bedrijf. Ook kan Intune hiermee inschrijvingsprofielen naar Apple uploaden en apparaten toewijzen aan die profielen.
U gebruikt de Apple-portal om een apparaatinschrijvingstoken te maken. U gebruikt de portals ook om apparaten aan Intune toe te wijzen voor beheer.
Kies in het Microsoft Endpoint Manager-beheercentrum de opties Apparaten > iOS/iPadOS > iOS-/iPadOS-inschrijving > Tokens voor het inschrijvingsprogramma > Toevoegen.
Geef Microsoft toestemming om gebruikers- en apparaatgegevens naar Apple te verzenden door Ik ga akkoord te selecteren.

Kies Uw openbare-sleutelcertificaat downloaden en sla het bestand met de versleutelingssleutel (.pem) lokaal op. Het PEM-bestand wordt gebruikt om een vertrouwensrelatiecertificaat aan te vragen bij de Apple-portal.
Kies Een token voor Apple Device Enrollment Program maken om de Deployment Program-portal van Apple te openen en meld u aan met uw Apple-id. Deze Apple ID kunt u gebruiken om uw token te verlengen.
Kies Aan de slag bij Device Enrollment Program in de Deployment Programs-portal van Apple. Uw proces verloopt mogelijk iets anders dan de volgende stappen in Apple Business Manager.
Kies MDM-server toevoegen op de pagina Servers beheren.
Voer voor de MDM-servernaam TestMDMServer in en kies vervolgens Volgende. De servernaam is voor eigen referentie en dient om de MDM-server te identificeren. Het is niet de naam of URL van de Microsoft Intune-server.
Het dialoogvenster Voeg <servernaam> wordt geopend, met de instructie dat u uw openbare sleutel moet uploaden. Selecteer Bestand kiezen... om het .pem-bestand te uploaden en kies Volgende.
Ga naar Implementatieprogramma > Device Enrollment Program > Apparaten beheren.
Kies onder Kies apparaten op de optie Serienummer.
Voor Kies actie kiest u Toewijzen aan server, kiest u de <Servernaam> die is opgegeven voor Microsoft Intune en kiest u vervolgens OK. De opgegeven apparaten worden voor beheer toegewezen aan de Intune-server en er verschijnt een melding dat de toewijzing is voltooid.
Ga in de Apple-portal naar Deployment Programs > Device Enrollment Program > Toewijzingsgeschiedenis weergeven om een lijst van apparaten en hun toewijzing aan de MDM-server te bekijken.
Geef in Intune in Azure Portal de Apple ID op die voor het maken van deze token is gebruikt, voor toekomstige referentie.

Ga in het venster Apple-token naar het certificaatbestand (.pem), kies Openen en vervolgens Maken.
Als u bereiktags wilt toepassen om te beperken welke beheerders toegang tot dit token hebben, selecteert u bereiken.
Een Apple-inschrijvingsprofiel maken
Na installatie van de token kunt u een inschrijvingsprofiel voor iOS-/iPadOS-apparaten in het eigendom van uw bedrijf maken. Met een inschrijvingsprofiel voor apparaten worden de instellingen gedefinieerd die worden toegepast op een groep apparaten tijdens de inschrijving.
Kies in het Microsoft Endpoint Manager-beheercentrum de opties Apparaten > iOS/iPadOS > iOS-inschrijving > Tokens voor het inschrijvingsprogramma.
Selecteer het token dat u zojuist hebt geïnstalleerd en kies Profielen > Profiel maken > iOS/iPadOS.
Op de pagina Basisinformatie voert u TestProfile in als Naam en ADE testen voor iOS-/iPadOS-apparaten als Beschrijving. Gebruikers zien deze gegevens niet.
Selecteer Volgende.
Bepaal op de pagina Beheerinstellingen of u wilt dat uw apparaten worden ingeschreven met of zonder Gebruikersaffiniteit. Gebruikersaffiniteit is ontworpen voor apparaten die door specifieke gebruikers worden gebruikt. Kies Inschrijven met gebruikersaffiniteit als uw gebruikers de bedrijfsportal willen gebruiken voor services zoals het installeren van apps. Als uw gebruikers de bedrijfsportal niet nodig hebben of als u het apparaat voor veel gebruikers wilt inrichten, kiest u Inschrijven zonder Gebruikersaffiniteit.
Als u ervoor kiest voor inschrijving met Gebruikersaffiniteit, wordt de optie Selecteren waar gebruikers de verificatie moeten uitvoeren weergegeven. Bepaal of u wilt verifiëren met de bedrijfsportal of de Apple-configuratieassistent.
- Bedrijfsportal: Selecteer deze optie om Multi-Factor Authentication te gebruiken, gebruikers toe te staan hun wachtwoord te wijzigen wanneer zij zich voor het eerst aanmelden of gebruikers te vragen hun verlopen wachtwoorden opnieuw in te stellen tijdens de inschrijving. Als u wilt dat de bedrijfsportal-app automatisch wordt bijgewerkt op de apparaten van eindgebruikers, moet u de bedrijfsportal apart als een vereiste app voor deze gebruikers implementeren via het Apple Volume Purchase Program (VPP).
- Configuratieassistent: Selecteer deze optie om gebruik te maken van de door Apple aangeboden HTTP-basisverificatie via de Apple-configuratieassistent
Als u kiest voor inschrijving met Gebruikersaffiniteit en Verificatie met de bedrijfsportal, wordt de optie Bedrijfsportal installeren met VPP weergegeven. Als u de bedrijfsportal installeert met een VPP-token, hoeven gebruikers geen Apple-id en wachtwoord in te voeren om de bedrijfsportal tijdens de inschrijving in de App Store te downloaden. Kies Token gebruiken: onder Bedrijfsportal installeren met VPP om een VPP-token te selecteren waarvoor gratis licenties van de bedrijfsportal beschikbaar zijn. Als u VPP niet wilt gebruiken om de bedrijfsportal te implementeren, kiest u VPP niet gebruiken.
Als u de inschrijving uitvoert met Gebruikersaffiniteit, Verificatie met de bedrijfsportal en Bedrijfsportal installeren met VPP, moet u bepalen of u de bedrijfsportal wilt uitvoeren in de modus voor één app totdat de verificatie is uitgevoerd. Met behulp van deze instelling kunt ervoor zorgen dat gebruikers geen toegang hebben tot andere apps, totdat ze de bedrijfsinschrijving hebben voltooid. Als u de gebruiker tot deze stroom wilt beperken totdat de inschrijving is voltooid, kiest u Ja onder De bedrijfsportal uitvoeren in de modus voor één app tot de verificatie.
Kies bij Instellingen voor apparaatbeheer de optie Ja bij Onder supervisie. (Als u Inschrijven met gebruikeraffiniteit hebt gekozen, wordt deze optie automatisch ingesteld op Ja). U krijgt de meeste beheeropties voor uw zakelijke iOS-/iPadOS-apparaten door apparaten onder toezicht te stellen.
Kies Ja onder Vergrendelde inschrijving om ervoor te zorgen dat gebruikers het beheer van de bedrijfsapparaten niet kunnen verwijderen.
Kies een optie onder Synchroniseren met computers om te bepalen of de iOS-/iPadOS-apparaten met computers kunnen worden gesynchroniseerd.
Standaard krijgen apparaten bij Apple de naam van het apparaattype (bijv. iPad). Als u een andere naamsjabloon wilt opgeven, kiest u Ja onder Sjabloon voor apparaatnamen toepassen. Voer de naam in die u op de apparaten wilt toepassen, waarbij u de tekenreeksen {{SERIAL}} en {{DEVICETYPE}} vervangt door het serienummer en het apparaattype van elk apparaat. Anders kiest u Nee onder Sjabloon voor apparaatnamen toepassen.
Kies Volgende.
Voer op de pagina Configuratieassistent de tekst Afdeling Zelfstudie in als Afdelingsnaam. Dit is de tekenreeks die gebruikers zien wanneer ze tijdens het activeren van het apparaat op Over configuratie tikken.
Voer onder Telefoonnummer afdeling een telefoonnummer in. Dit is het nummer dat wordt weergegeven wanneer gebruikers tijdens de activering op de knop Hulp nodig? drukken.
U kunt tijdens de activering van apparaten diverse schermen weergeven of verbergen. Voor de beste inschrijvingservaring stelt u alle schermen in op Verbergen.
Kies Volgende om naar de pagina Beoordelen en maken te gaan. Selecteer Maken.
Beheerde apparaten synchroniseren met Intune
Zodra u een token voor het inschrijvingsprogramma hebt ingesteld via de ABM-, ASM- of ADE-portal en daar apparaten aan de MDM-server hebt toegewezen, wacht u totdat deze apparaten met de Intune-service zijn gesynchroniseerd of voert u handmatig een synchronisatie uit. Als u geen handmatige synchronisatie uitvoert, kan het tot 24 uur duren voordat apparaten in Azure Portal worden weergegeven.
- Kies in het Microsoft Endpoint Manager-beheercentrum de opties Apparaten > iOS/iPadOS > iOS-inschrijving > Tokens voor het inschrijvingsprogramma > kies een token in de lijst > Apparaten > Synchroniseren.
Een inschrijvingsprofiel toewijzen aan iOS-/iPadOS-apparaten
U moet een profiel voor een inschrijvingsprogramma aan apparaten toewijzen voordat deze kunnen worden ingeschreven. Deze apparaten worden via Apple met Intune gesynchroniseerd en moeten aan de juiste MDM-servertoken in de ABM-, ASM- of ADE-portal worden toegewezen.
- Kies in het Microsoft Endpoint Manager-beheercentrum de opties Apparaten > iOS/iPadOS > iOS-inschrijving > Tokens voor het inschrijvingsprogramma > kies een token in de lijst.
- Kies Apparaten > kies apparaten uit de lijst > Profiel toewijzen.
- Kies onder Profiel toewijzen een profiel voor de apparaten > Toewijzen.
Notitie
Zorg ervoor dat voor Apparaattypebeperkingen onder Inschrijvingsbeperkingen niet het standaardbeleid Alle gebruikers is ingesteld om het iOS-/iPadOS-platform te blokkeren. Deze instelling zorgt ervoor dat automatische inschrijving mislukt en uw apparaat wordt als ongeldig profiel beschouwd, ongeacht de gebruikersverklaring. Als u inschrijving alleen wilt toestaan voor door het bedrijf beheerde apparaten, blokkeert u alleen apparaten die persoonlijk eigendom zijn, waardoor bedrijfsapparaten kunnen worden ingeschreven. Microsoft definieert een bedrijfsapparaat als een apparaat dat is ingeschreven via een Device Enrollment Program of een apparaat dat handmatig wordt ingevoerd onder Zakelijke apparaat-id's.
Apparaten onder gebruikers distribueren
U hebt beheer en synchronisatie tussen Apple en Intune ingesteld en een profiel toegewezen om uw ADE-apparaten te kunnen inschrijven. De apparaten kunnen nu worden uitgedeeld aan de gebruikers. Voor apparaten met gebruikersaffiniteit moet aan elke gebruiker een Intune-licentie worden toegewezen.
Volgende stappen
Er bestaat aanvullende informatie over andere opties die voor het registreren van iOS-/iPadOS-apparaten beschikbaar zijn.