Power BI beheren in de beheerportalAdministering Power BI in the admin portal

Via de beheerportal kunt u een Power BI-tenant voor uw organisatie beheren.The admin portal enables you to manage a Power BI tenant for your organization. De portal bevat onder andere metrische gegevens over gebruik, toegang tot het Microsoft 365-beheercentrum en instellingen.The portal includes items such as usage metrics, access to the Microsoft 365 admin center, and settings.

Het volledige beheerportal is toegankelijk voor alle gebruikers die globale beheerders zijn in Office 365 of die de rol van beheerder van de Power BI-service hebben.The full admin portal is accessible to all users who are Global Admins in Office 365 or have been assigned the Power BI service administrator role. Als u niet een van deze rollen heeft, ziet u in de portal alleen de optie Capaciteitsinstellingen.If you're not in one of these roles, you only see Capacity settings in the portal. Zie Understanding the Power BI admin role (Power BI-beheerdersrol) voor meer informatie over de beheerdersrol voor de Power BI-service.For more information about the Power BI service administrator role, see Understanding the Power BI admin role.

Toegang krijgen tot de beheerportalHow to get to the admin portal

Om toegang te krijgen tot het Power BI-beheerportal, moet uw account zijn ingesteld als een Globale beheerder, in Office 365 of Azure Active Directory, of moet de rol van beheerder van de Power BI-service aan het account zijn toegewezen.Your account needs to be marked as a Global Admin, within Office 365 or Azure Active Directory, or have been assigned the Power BI service administrator role, to get access to the Power BI admin portal. Zie Understanding the Power BI admin role (Power BI-beheerdersrol) voor meer informatie over de beheerdersrol voor de Power BI-service.For more information about the Power BI service administrator role, see Understanding the Power BI admin role. Ga op de volgende manier te werk om de Power BI-beheerportal te openen.To get to the Power BI admin portal, do the following.

  1. Selecteer het tandwielpictogram in de rechterbovenhoek van de Power BI-service.Select the settings gear in the top right of the Power BI service.

  2. Selecteer Beheerportal.Select Admin portal.

    Instellingen voor beheerportal

De portal bevat negen tabbladen.There are nine tabs in the portal. De rest van dit artikel geeft informatie over elk van deze tabbladen.The rest of this article provides information about each of these tabs.

Navigatie door beheerportal

Metrische gegevens over gebruikUsage metrics

Met de Metrische gegevens over gebruik kunt u het Power BI-gebruik voor uw organisatie bewaken.The Usage metrics enables you to monitor Power BI usage for your organization. Daarnaast kunt u in het rapport zien welke gebruikers, en groepen, het actiefst zijn binnen Power BI voor uw organisatie.It also provides the ability to see which users, and groups, are the most active within Power BI for your organization.

Notitie

De eerste keer dat u het dashboard opent, of als u het dashboard weergeeft nadat u het lange tijd niet hebt gebruikt, ziet u waarschijnlijk een melding dat het dashboard wordt geladen.The first time you access the dashboard, or after you visit again after a long period of not viewing the dashboard, you'll likely see a loading screen while we load the dashboard.

Zodra het dashboard wordt geladen, ziet u twee secties met tegels.Once the dashboard loads, you see two sections of tiles. De eerste sectie bevat gebruiksgegevens over individuele gebruikers, en de tweede sectie bevat vergelijkbare informatie over groepen in uw organisatie.The first section includes usage data for individual users, and the second section has similar information for groups in your organization.

Hier volgt een overzicht van wat u in elke tegel kunt zien:Here’s a breakdown of what you can see in each tile:

  • Unieke telling van alle dashboards, rapporten en gegevenssets in de gebruikerswerkruimte.Distinct count of all dashboards, reports, and datasets in the user workspace.

    Unieke telling van dashboards, rapporten, gegevenssets

  • Het meest gebruikte dashboard qua het aantal gebruikers dat er toegang tot heeft.Most consumed dashboard by number of users who can access it. Als u bijvoorbeeld een dashboard hebt dat u met drie gebruikers hebt gedeeld, en u het dashboard ook hebt toegevoegd aan een inhoudspakket waarmee twee verschillende gebruikers verbinding hebben gemaakt, zou het aantal uitkomen op 6 (1 + 3 + 2).For example, if you have a dashboard that you shared with 3 users, and you also added it to a content pack that two different users connected to, its count would be 6 (1 + 3 + 2).

    Meest gebruikte dashboards

  • De meest populaire inhoud waarmee gebruikers verbinding hebben gemaakt.The most popular content users connected to. Het betreft hier alle inhoud die de gebruikers kunnen bereiken via het proces Gegevens ophalen, zoals SaaS-inhoudspakketten, organisatie-inhoudspakketten, bestanden of databases.This would be anything the users could reach through the Get Data process, so SaaS content packs, Organizational content packs, files or databases.

    Meest gebruikte pakketten

  • Een weergave van de actiefste gebruikers op basis van hoeveel dashboards ze hebben, zowel dashboards die ze zelf hebben gemaakt en dashboards die met ze zijn gedeeld.A view of your top users based on how many dashboards they have, both dashboards they created themselves and dashboards shared to them.

    Actiefste gebruikers - dashboards

  • Een weergave van de actiefste gebruikers op basis van de hoeveelheid rapporten die ze hebben.A view of your top users based on how many reports they have.

    Actiefste gebruikers - rapporten

De tweede sectie bevat hetzelfde type informatie, maar dan op basis van groepen.The second section shows the same type of information, but based on groups. Hier kunt u zien welke groepen in uw organisatie het actiefst zijn en wat voor soort inhoud ze gebruiken.This lets you see which groups in your organization are most active and what kind of content they are consuming.

Aan de hand van deze informatie kunt u een goed beeld krijgen van hoe Power BI in uw organisatie wordt gebruikt. Daarnaast kunt u zien welke gebruikers en groepen zeer actief zijn in uw organisatie.With this information, you can get real insights into how people are using Power BI across your organization, and be able to recognize those users and groups who are very active in your organization.

Metrische gegevens over gebruik beherenControl usage metrics

Rapporten met metrische gegevens over gebruik zijn een functie die de Power BI- of Office 365-beheerder kan in- of uitschakelen.Usage metrics reports are a feature that the Power BI or Office 365 administrator can turn on or off. Beheerders hebben gedetailleerde controle over welke gebruikers toegang hebben tot metrische gegevens over gebruik.Administrators have granular control over which users have access to usage metrics. Ze zijn standaard ingeschakeld (Aan) voor alle gebruikers in de organisatie.They are On by default for all users in the organization.

Beheerders kunnen ook bepalen of makers van inhoud gegevens per gebruiker kunnen bekijken in metrische gegevens over gebruik.Admins can also determine whether content creators can see per-user data in usage metrics.

Zie Metrische gegevens over het gebruik van Power BI-dashboards en -rapporten bewaken voor meer informatie over de rapporten zelf.See Monitor usage metrics for Power BI dashboards and reports for details about the reports themselves.

Metrische gegevens over het gebruik voor makers van inhoudUsage metrics for content creators

  1. Selecteer in de beheerportal Tenantinstellingen > Metrische gegevens over het gebruik voor makers van inhoud.In the Admin portal, select Tenant settings > Usage metrics for content creators.

    Metrische gegevens over het gebruik in Tenantinstellingen in de beheerportal

  2. Schakel metrische gegevens over gebruik in (of uit) > Toepassen.Enable (or disable) usage metrics > Apply.

    Metrische gegevens over gebruik ingeschakeld

Metrische gegevens over gebruik per gebruikerPer-user data in usage metrics

Standaard wordt gegevens per gebruiker ingeschakeld voor metrische gegevens over gebruik. Accountgegevens van gebruikers van inhoud worden in het metrische rapport opgenomen.By default, per-user data is enabled for usage metrics, and content consumer account information is included in the metrics report. Als u deze informatie niet voor een bepaalde gebruiker of voor geen enkele gebruiker wilt opnemen, schakelt u de functie voor bepaalde beveiligingsgroepen of voor een hele organisatie uit.If you don’t want to include this information for some or all users, disable the feature for specified security groups or for an entire organization. Accountgegevens worden dan in het rapport weergegeven als Naamloos.Account information then shows in the report as Unnamed.

Gebruiksgegevens per gebruiker

Alle bestaande inhoud voor metrische gegevens over gebruik verwijderenDelete all existing usage metrics content

Bij het uitschakelen van metrische gegevens over gebruik voor de gehele organisatie kunnen beheerders ook een of beide van deze opties kiezen:When disabling usage metrics for their entire organization, admins can also choose one or both options to:

  • Alle bestaande inhoud voor metrische gegevens over gebruik verwijderen om alle bestaande rapporten en dashboardtegels te verwijderen die zijn gemaakt met behulp van de rapporten en gegevenssets voor metrische gegevens over gebruik.Delete all existing usage metrics content to delete all existing reports and dashboard tiles that were built using the usage metrics reports and datasets. Deze optie verwijdert alle toegang tot metrische gegevens voor alle gebruikers in de organisatie die deze mogelijk al gebruiken.This option removes all access to usage metrics data for all users in the organization who may already be using it.
  • Alle bestaande gegevens per gebruiker verwijderen uit de huidige inhoud van metrische gegevens over gebruik om alle toegang te verwijderen tot gegevens per gebruiker voor alle gebruikers in de organisatie die deze mogelijk al gebruiken.Delete all existing per-user data in current usage metrics content This option removes all access to per-user data for all users in the organization who may already be using it.

Let op, want het verwijderen van bestaande metrische gegevens over gebruik en gegevens per gebruiker kan niet ongedaan worden gemaakt.Be careful, because deleting existing usage and per-user metrics content is irreversible.

GebruikersUsers

U beheert Power BI-gebruikers, -groepen en -beheerders in het Microsoft 365-beheercentrum.You manage Power BI users, groups, and admins in the Microsoft 365 admin center. Het tabblad Gebruikers bevat een link naar het beheercentrum voor uw tenant.The Users tab provides a link to the admin center for your tenant.

Naar het Microsoft 365-beheercentrum gaan

AuditlogboekenAudit logs

U beheert Power BI-auditlogboeken in het Office 365-centrum voor beveiliging en naleving.You manage Power BI audit logs in the Office 365 Security & Compliance center. Het tabblad Auditlogboeken bevat een link naar het centrum voor beveiliging en naleving voor uw tenant.The Audit logs tab provides a link to the Security & Compliance center for your tenant. Meer informatieLearn more

Als u auditlogboeken wilt gebruiken, zorg dan dat de instelling Auditlogboeken maken voor het controleren van interne activiteiten en naleving is ingeschakeld.To use audit logs, make sure the Create audit logs for internal activity auditing and compliance setting is enabled.

TenantinstellingenTenant settings

Via het tabblad Tenantinstellingen kunt u nauwkeurig bepalen welke functies aan uw organisatie ter beschikking worden gesteld.The Tenant settings tab enables fine-grained control over the features that are made available to your organization. Als u zich zorgen maakt over gevoelige gegevens, zijn sommige van onze functies mogelijk niet geschikt voor uw organisatie, of misschien wilt u alleen een bepaalde functie beschikbaar stellen aan een specifieke groep.If you have concerns around sensitive data, some of our features may not be right for your organization, or you may only want a particular feature to be available to a specific group.

In de volgende afbeelding worden diverse instellingen op het tabblad Tenantinstellingen weergegeven.The following image shows several settings on the Tenant settings tab.

Tenantinstellingen

Notitie

Het kan maximaal tien minuten duren voordat een instelling voor iedereen in uw tenant is gewijzigd.It can take up to 10 minutes for a setting change to take effect for everyone in your tenant.

Instellingen kunnen drie statussen hebben:Settings can have three states:

  • Uitgeschakeld voor de hele organisatie: niemand in uw organisatie kan deze functie gebruiken.Disabled for the entire organization: No one in your organization can use this feature.

    Instelling 'Uitgeschakeld voor iedereen'

  • Ingeschakeld voor de hele organisatie: iedereen in uw organisatie kan deze functie gebruiken.Enabled for the entire organization: Everyone in your organization can use this feature.

    Instelling 'Ingeschakeld voor iedereen'

  • Ingeschakeld voor een subset van de organisatie: een specifieke subset van gebruikers of groepen in uw organisatie kan deze functie gebruiken.Enabled for a subset of the organization: A specific subset of users or groups in your organization can use this feature.

    U kunt de functie inschakelen voor uw hele organisatie, met uitzondering van een specifieke groep gebruikers.You can enable the feature for your entire organization, except for a specific group of users.

    Instelling 'Ingeschakeld voor subset'

    U kunt de functie ook alleen voor een specifieke groep gebruikers inschakelen en voor een andere groep gebruikers uitschakelen.You can also enable the feature only for a specific group of users and also disable it for a group of users. Op deze manier kunt u ervoor zorgen dat bepaalde gebruikers geen toegang hebben tot de functie, zelfs niet als deel uitmaken van de groep die wel toegang heeft.Using this approach ensures that certain users do not have access to the feature even if they are in the allowed group.

    Instelling 'Ingeschakeld met uitzonderingen'

In de volgende secties ziet u een overzicht van de verschillende typen tenantinstellingen.The next few sections provide an overview of the different types of tenant settings.

Instellingen voor Help en ondersteuningHelp and support settings

Help-informatie publicerenPublish "Get Help" information

Gebruikers in de organisatie kunnen interne resources voor Help en ondersteuning vinden via het menu Help in Power BI.Users in the organization can go to internal help and support resources from the Power BI help menu. In het bijzonder veranderen deze parameters het gedrag van de menu-items ‘Learn’, ‘Community’ en ‘Hulp vragen’.Specifically, these parameters change the behavior of the Learn, Community, and Get help menu items.

Het is ook mogelijk om een URL op te geven die gebruikers naar een aangepaste oplossing voor licentieaanvragen leidt.It is also possible to specify a URL to direct users to a custom solution for licensing requests. Deze parameter past de doel-URL van de knop ‘Account upgraden’ aan, die gebruikers zonder Power BI Pro-licentie kunnen vinden in het dialoogvenster ‘Upgraden naar Power BI Pro’ en op de pagina ‘Persoonlijke opslag beheren’.This parameter customizes the target URL of the Upgrade account button that a user without a Power BI Pro license can find in the Update to Power BI Pro dialog box as well as in the Manage personal storage page.

E-mailmeldingen ontvangen voor serviceonderbrekingen of incidentenReceive email notifications for service outages or incidents

Voor e-mail ingeschakelde beveiligingsgroepen ontvangen e-mailmeldingen als deze tenant wordt beïnvloed door een serviceonderbreking of incident.Mail-enabled security groups will receive email notifications if this tenant is impacted by a service outage or incident. Meer informatie over Meldingen over onderbrekingen van de service.Learn more about Service interruption notifications.

Instellingen voor werkruimteWorkspace settings

Werkruimten makenCreate workspaces

Beheerders gebruiken de instelling Werkruimten maken om aan te geven welke gebruikers in de organisatie app-werkruimten mogen maken om samen te werken aan dashboards, rapporten en andere inhoud.Admins use the Create workspaces setting to indicate which users in the organization can create app workspaces to collaborate on dashboards, reports, and other content. Meer informatie over app-werkruimten.Learn more about app workspaces.

De beheerportal heeft nog een sectie met instellingen over de werkruimten in uw tenant.The admin portal has another section of settings about the workspaces in your tenant. In die sectie kunt u de lijst werkruimten sorteren en filteren, en de details van elke werkruimte weergeven.In that section, you can sort and filter the list of workspaces and display the details for each workspace. Zie Werkruimten voor meer informatie.See Workspaces for details.

In de beheerportal bepaalt u ook welke gebruikers machtigingen krijgen om apps naar de organisatie te distribueren.In the admin portal, you also control which users have permissions to distribute apps to the organization. Zie Inhoudspakketten en apps naar de volledige organisatie publiceren in dit artikel voor meer informatie.See Publish content packs and apps to the entire organization in this article for details.

Instellingen voor exporteren en delenExport and sharing settings

Inhoud delen met externe gebruikersShare content with external users

Gebruikers in de organisatie kunnen dashboards delen met gebruikers buiten de organisatie.Users in the organization can share dashboards with users outside the organization. Meer informatie over extern delen.Learn more about sharing externally.

Instelling 'Externe gebruikers'

De volgende afbeelding toont het bericht dat verschijnt wanneer u deelt met een externe gebruiker.The following image shows the message that appears when you share with an external user.

Delen met externe gebruiker

Publiceren op internetPublish to web

Gebruikers in de organisatie kunnen rapporten op internet publiceren.Users in the organization can publish reports to the web. Meer informatieLearn more

De volgende afbeelding toont het menu Bestand voor een rapport wanneer de instelling Publiceren op internet is ingeschakeld.The following image shows the File menu for a report when the Publish to web setting is enabled.

Instelling 'Publiceren op internet'

Gebruikers zien verschillende opties in de gebruikersinterface, afhankelijk van de instelling Publiceren op internet.Users see different options in the UI based on what the Publish to web setting is.

FunctieFeature Ingeschakeld voor de hele organisatieEnabled for entire organization Uitgeschakeld voor de hele organisatieDisabled for entire organization Specifieke beveiligingsgroepenSpecific security groups
Publiceren op internet onder het menu Bestand van het rapport.Publish to web under report's File menu. Ingeschakeld voor iedereenEnabled for all Niet voor iedereen zichtbaarNot visible for all Alleen zichtbaar voor gemachtigde gebruikers of groepen.Only visible for authorized users or groups.
Invoegcodes beheren onder InstellingenManage embed codes under Settings Ingeschakeld voor iedereenEnabled for all Ingeschakeld voor iedereenEnabled for all Ingeschakeld voor iedereenEnabled for all

Optie * Verwijderen alleen voor gemachtigde gebruikers of groepen.* Delete option only for authorized users or groups.
* Ophalen van codes ingeschakeld voor iedereen.* Get codes enabled for all.
Codes invoegen binnen de beheerportalEmbed codes within admin portal De status geeft een van de volgende opties weer:Status reflects one of the following:
* Actief* Active
* Niet ondersteund* Not supported
* Geblokkeerd* Blocked
De status geeft Uitgeschakeld weerStatus displays Disabled De status geeft een van de volgende opties weer:Status reflects one of the following:
* Actief* Active
* Niet ondersteund* Not supported
* Geblokkeerd* Blocked

Als een gebruiker niet is geautoriseerd op basis van de tenantinstelling, wordt de status weergegeven als geschonden.If a user is not authorized based on the tenant setting, status displays as infringed.
Bestaande gepubliceerde rapportenExisting published reports Iedereen ingeschakeldAll enabled Iedereen uitgeschakeldAll disabled Rapporten blijven weergeven voor iedereen.Reports continue to render for all.

Gegevens exporterenExport data

Gebruikers in de organisatie kunnen gegevens uit een tegel of visualisatie exporteren.Users in the organization can export data from a tile or visualization. Meer informatieLearn more

De volgende afbeelding toont de optie voor het exporteren van gegevens uit een tegel.The following image shows the option to export data from a tile.

Gegevens uit een tegel exporteren

Notitie

Als u Gegevens exporteren uitschakelt, hebben gebruikers ook geen toegang tot de functie Analyseren in Excel en kunnen ze ook de live-verbinding met de Power BI-service niet gebruiken.Disabling Export Data also prevents users from using the Analyze in Excel feature, as well as using the Power BI service live connection.

Rapporten als PowerPoint-presentaties of PDF-documenten exporterenExport reports as PowerPoint presentations or PDF documents

Gebruikers binnen de organisatie kunnen Power BI-rapporten als PowerPoint-bestanden of PDF-documenten exporteren.Users in the organization can export Power BI reports as PowerPoint files or PDF documents. Meer informatieLearn more

De volgende afbeelding toont het menu Bestand voor een rapport wanneer de instelling Rapporten exporteren als PowerPoint-presentaties of PDF-documenten is ingeschakeld.The following image shows the File menu for a report when the Export reports as PowerPoint presentations or PDF documents setting is enabled.

Hiermee worden rapporten geëxporteerd als PowerPoint-presentaties

Gebruikers in de organisatie kunnen dashboards en rapporten afdrukken.Users in the organization can print dashboards and reports. Meer informatieLearn more

De volgende afbeelding toont de optie voor het afdrukken van een dashboard.The following image shows the option to print a dashboard.

Dashboard afdrukken

De volgende afbeelding toont het menu Bestand voor een rapport wanneer de instelling Dashboards en rapporten afdrukken is ingeschakeld.The following image shows the File menu for a report when the Print dashboards and reports setting is enabled.

Rapport afdrukken

Externe gastgebruikers toestaan om inhoud in de organisatie te bewerken en te beherenAllow external guest users to edit and manage content in the organization

Azure B2B-gastgebruikers kunnen inhoud in de organisatie bewerken en beheren.Azure B2B guest users can edit and manage content in the organization. Meer informatieLearn more

In de volgende afbeelding ziet u de optie Externe gastgebruikers toestaan om inhoud in de organisatie te bewerken en te beheren.The following image shows the option to Allow external guest users to edit and manage content in the organization.

Externe gastgebruikers toestaan om inhoud in de organisatie te bewerken en te beheren

E-mailabonnementenEmail Subscriptions

Gebruikers in de organisatie kunnen e-mailabonnementen maken.Users in the organization can create email subscriptions. Meer informatie over abonnementen.Learn more about subscriptions.

E-mailabonnementen inschakelen

Instellingen voor inhoudspakket en appContent pack and app settings

Inhoudspakketten en apps naar de volledige organisatie publicerenPublish content packs and apps to the entire organization

Beheerders gebruiken deze instelling om de bepalen welke gebruikers inhoudspakketten en apps naar de volledige organisatie mogen publiceren, in plaats van alleen naar specifieke groepen.Admins use this setting to decide which users can publish content packs and apps to the entire organization, rather than just specific groups. Meer informatie over het publiceren van apps.Learn more about publishing apps.

De volgende afbeelding toont de optie Mijn hele organisatie bij het maken van een inhoudspakket.The following image shows the My entire organization option when creating a content pack.

Inhoudspakket publiceren naar organisatie

Sjabloon-apps en organisatie-inhoudspakketten makenCreate template apps and organizational content packs

Gebruikers in de organisatie kunnen sjabloon-apps en organisatie-inhoudspakketten maken die gegevenssets gebruiken die zijn gebaseerd op één gegevensbron in Power BI Desktop.Users in the organization can create template apps and organizational content packs that use datasets built on one data source in Power BI Desktop. Meer informatie over sjabloon-apps.Learn more about template apps.

Apps pushen naar eindgebruikersPush apps to end users

Makers van rapporten kunnen apps rechtstreeks met eindgebruikers delen zonder dat er installatie vanuit AppSource is vereist.Report creators can share apps directly with end users without requiring installation from AppSource. Meer informatie over het automatisch installeren van apps voor eindgebruikers.Learn more about automatically installing apps for end users.

Instellingen voor integratieIntegration settings

Vragen over gegevens stellen met CortanaAsk questions about data using Cortana

Gebruikers in de organisatie kunnen vragen over hun gegevens stellen met behulp van Cortana.Users in the organization can ask questions about their data using Cortana. Meer informatieLearn more

Notitie

Deze instelling geldt voor de hele organisatie en kan niet worden beperkt tot specifieke groepen.This setting applies to the entire organization and cannot be limited to specific groups.

Analyseren in Excel gebruiken met on-premises gegevenssetsUse Analyze in Excel with on-premises datasets

Gebruikers in de organisatie kunnen Excel gebruiken voor het weergeven van on-premises Power BI-gegevenssets en het werken met deze sets.Users in the organization can use Excel to view and interact with on-premises Power BI datasets. Meer informatieLearn more

Notitie

Als u Gegevens exporteren uitschakelt, hebben gebruikers ook geen toegang tot de functie Analyseren in Excel.Disabling Export Data also prevents users from using the Analyze in Excel feature.

ArcGIS Maps for Power BI gebruikenUse ArcGIS Maps for Power BI

Gebruikers in de organisatie kunnen de visualisatie ArcGIS Maps for Power BI, die is geleverd door Esri, gebruiken.Users in the organization can use the ArcGIS Maps for Power BI visualization provided by Esri. Meer informatieLearn more

Algemene zoekopdrachten voor Power BI gebruiken (preview-versie)Use global search for Power BI (Preview)

Gebruikers in de organisatie kunnen externe-zoekopdrachtfuncties gebruiken waarbij gebruik wordt gemaakt van Azure Search.Users in the organization can use external search features that rely on Azure Search. Gebruikers kunnen bijvoorbeeld gebruikmaken van Cortana om belangrijke gegevens rechtstreeks op te halen uit Power BI-dashboards en -rapporten.For example, users can use Cortana to retrieve key information directly from Power BI dashboards and reports. Meer informatieLearn more

Instellingen voor aangepaste visuele elementenCustom visuals settings

Aangepaste visuals toevoegen en gebruikenAdd and use custom visuals

Gebruikers in de organisatie kunnen aangepaste visuele elementen gebruiken en delen.Users in the organization can interact with and share custom visuals. Meer informatieLearn more

Notitie

Deze instelling kan worden toegepast op de hele organisatie of kan worden beperkt tot specifieke groepen.This setting can be applied to the entire organization or can be limited to specific groups.

Power BI Desktop (vanaf de versie van maart 2019) ondersteunt het gebruik van het Groepsbeleid om het gebruik van aangepaste visuals op de geïmplementeerde computers van een organisatie uit te schakelen.Power BI Desktop (starting from March '19 release) supports using Group Policy to disable the usage of custom visuals across an organization's deployed computers.

KenmerkAttributeWaardeValue
sleutelkey Software\Policies\Microsoft\Power BI DesktopSoftware\Policies\Microsoft\Power BI Desktop\
valueNamevalueName EnableCustomVisualsEnableCustomVisuals

Met de waarde 1 (decimaal) schakelt u het gebruik van aangepaste visuals in Power BI in (dit is de standaardinstelling).A value of 1 (decimal) enables the use of custom visuals in Power BI (This is the default).

Met de waarde 0 (decimaal) schakelt u het gebruik van aangepaste visuals in Power BI uit.A value of 0 (decimal) disable the use of custom visuals in Power BI.

Alleen gecertificeerde visuals toestaanAllow only certified visuals

Gebruikers in de organisatie die zijn gemachtigd om aangepaste visuals toe te voegen en te gebruiken, aangeduid met de instelling Aangepaste visuals toevoegen en gebruiken, kunnen alleen gecertificeerde aangepaste visuals gebruiken (niet-gecertificeerde visuals worden geblokkeerd en leveren een foutbericht op bij gebruik).Users in the organization who have been granted permissions to add and use custom visuals, denoted by the setting "Add and use custom visuals", will only be able to use certified custom visuals (uncertified visuals will be blocked and will display an error message when used).

Power BI Desktop (vanaf de versie van maart 2019) ondersteunt het gebruik van het Groepsbeleid om het gebruik van niet-gecertificeerde aangepaste visuals op de geïmplementeerde computers van een organisatie uit te schakelen.Power BI Desktop (starting from March '19 release) supports using Group Policy to disable the usage of uncertified custom visuals across an organization's deployed computers.

KenmerkAttributeWaardeValue
sleutelkey Software\Policies\Microsoft\Power BI DesktopSoftware\Policies\Microsoft\Power BI Desktop\
valueNamevalueName EnableUncertifiedVisualsEnableUncertifiedVisuals

Met de waarde 1 (decimaal) schakelt u het gebruik van niet-gecertificeerde aangepaste visuals in Power BI in (dit is de standaardinstelling).A value of 1 (decimal) enables the use of uncertified custom visuals in Power BI (This is the default).

Met de waarde 0 (decimaal) schakelt u het gebruik van niet-gecertificeerde aangepaste visuals in Power BI uit (met deze optie schakelt u alleen het gebruik van gecertificeerde aangepaste visuals in).A value of 0 (decimal) disable the use of uncertified custom visuals in Power BI (This option enables only the use of certified custom visuals).

Instellingen voor R-visualsR visuals settings

Interactie met visuele R-elementen en visuele R-elementen delenInteract with and share R visuals

Gebruikers in de organisatie kunnen interactie hebben met visuele elementen die zijn gemaakt met R scripts en deze elementen delen.Users in the organization can interact with and share visuals created with R scripts. Meer informatieLearn more

Notitie

Deze instelling geldt voor de hele organisatie en kan niet worden beperkt tot specifieke groepen.This setting applies to the entire organization and cannot be limited to specific groups.

Instellingen voor controle en gebruikAudit and usage settings

Auditlogboeken maken voor het controleren van interne activiteiten en nalevingCreate audit logs for internal activity auditing and compliance

Gebruikers in de organisatie kunnen de auditfunctie gebruiken voor het controleren van acties die door andere gebruikers in de organisatie worden uitgevoerd in Power BI.Users in the organization can use auditing to monitor actions taken in Power BI by other users in the organization. Meer informatieLearn more

Deze instelling moet worden ingeschakeld om vermeldingen te kunnen vastleggen in het auditlogboek.This setting must be enabled for audit log entries to be recorded. Er kan een vertraging tot 48 uur bestaan tussen het inschakelen van de controlefunctie en het kunnen weergeven van controlegegevens.There can be up to a 48 hour delay between enabling auditing and being able to view audit data. Als u niet direct gegevens ziet, controleert u de controlelogboeken op een later tijdstip.If you don't see data immediately, check the audit logs later. Er kan een vergelijkbare vertraging optreden tussen het ophalen van machtiging voor het weergeven van controlelogboeken en het kunnen openen van de logboeken.There can be a similar delay between getting permission to view audit logs and being able to access the logs.

Notitie

Deze instelling geldt voor de hele organisatie en kan niet worden beperkt tot specifieke groepen.This setting applies to the entire organization and cannot be limited to specific groups.

Metrische gegevens over het gebruik voor makers van inhoudUsage metrics for content creators

Gebruikers in de organisatie kunnen metrische gegevens weergeven over het gebruik van de dashboards en rapporten die ze hebben gemaakt.Users in the organization can see usage metrics for dashboards and reports they create. Meer informatieLearn more

Gegevens per gebruiker in metrische gegevens over gebruik voor makers van inhoudPer-user data in usage metrics for content creators

In metrische gegevens over het gebruik voor makers van inhoud zijn namen en e-mailadressen zichtbaar van gebruikers die inhoud openen.Usage metrics for content creators will expose display names and email addresses of users who are accessing content. Meer informatieLearn more

Standaard wordt Gegevens per gebruiker ingeschakeld voor metrische gegevens over gebruik. Accountgegevens van makers van inhoud worden in het metrische rapport opgenomen.Per-user data is enabled for usage metrics by default, and content creator account information is included in the metrics report. Als u deze informatie niet voor alle gebruikers wilt verzamelen, schakelt u de functie voor bepaalde beveiligingsgroepen of voor een hele organisatie uit.If you do not wish to gather this information for all users, you can disable the feature for specified security groups or for an entire organization. Accountgegevens voor de uitgesloten gebruikers worden dan in het rapport weergegeven als Naamloos.Account information for the excluded users will then show in the report as Unnamed.

Instellingen voor dashboardDashboard settings

Gegevensclassificatie voor dashboardsData classification for dashboards

Gebruikers in de organisatie kunnen dashboards labelen met classificaties die het beveiligingsniveau van het dashboard aangeven.Users in the organization can tag dashboards with classifications that indicate dashboard security levels. Meer informatieLearn more

Notitie

Deze instelling geldt voor de hele organisatie en kan niet worden beperkt tot specifieke groepen.This setting applies to the entire organization and cannot be limited to specific groups.

Instellingen voor ontwikkelaarsDeveloper settings

Inhoud in apps insluitenEmbed content in apps

Gebruikers in de organisatie kunnen Power BI-dashboards en rapporten insluiten in SaaS-toepassingen (Software as a Service).Users in the organization can embed Power BI dashboards and reports in Software as a Service (SaaS) applications. Als u deze instelling uitschakelt, kunnen gebruikers de REST API's niet gebruiken om inhoud van Power BI in hun toepassing in te sluiten.Disabling this setting prevents users from being able to use the REST APIs to embed Power BI content within their application. Meer informatieLearn more

Toestaan dat service-principals gebruikmaken van API's van Power BIAllow service principals to use Power BI APIs

Web-apps die in Azure AD (Active Directory) zijn geregistreerd, maken gebruik van een toegewezen service-principal voor toegang tot API's van Power BI zonder een aangemelde gebruiker.Web apps registered in Azure Active Directory (Azure AD) will use an assigned service principal to access Power BI APIs without a signed in user. Als u wilt toestaan dat een app verificatie via een service-principal gebruikt, moet de betreffende service-principal worden opgenomen in een beveiligingsgroep die toegang heeft.To allow an app to use service principal authentication its service principal must be included in an allowed security group. Meer informatieLearn more

Notitie

Service-principals nemen de machtigingen voor alle instellingen van de Power BI-tenant over van hun beveiligingsgroep.Service principals inherit the permissions for all Power BI tenant settings from their security group. Als u deze machtigingen wilt beperken, maakt u een specifieke beveiligingsgroep voor service-principals en voegt u deze toe aan de lijst Behalve specifieke beveiligingsgroepen voor de desbetreffende, ingeschakelde Power BI-instellingen.To restrict permissions, create a dedicated security group for service principals and add it to the 'Except specific security groups' list for the relevant, enabled Power BI settings.

GegevensstroominstellingenDataflow settings

Gegevensstromen maken en gebruikenCreate and use dataflows

Gebruikers in de organisatie kunnen gegevensstromen maken en gebruiken.Users in the organization can create and use dataflows. Zie Selfservice voor gegevensvoorbereiding in Power BI voor een overzicht van gegevensstromen.For an overview of dataflows, see Self-service data prep in Power BI. Zie Workloads configureren als u gegevensstromen wilt inschakelen in een Premium-capaciteit.To enable dataflows in a Premium capacity, see Configure workloads.

Notitie

Deze instelling geldt voor de hele organisatie en kan niet worden beperkt tot specifieke groepen.This setting applies to the entire organization and cannot be limited to specific groups.

Instellingen voor sjabloon-appsTemplate apps settings

Drie instellingen bepalen wie de mogelijkheid heeft om sjabloon-apps te publiceren of te installeren.Three settings control template apps ability to publish or install template apps.

Instellingen voor sjabloon-apps in de Power BI-beheerportal

Sjabloon-apps publicerenPublish Template Apps

Gebruikers in de organisatie kunnen werkruimten voor sjabloon-apps maken.Users in the organization can create template apps workspaces. U bepaalt welke gebruikers sjabloon-apps mogen publiceren of distribueren aan clients buiten uw organisatie via AppSource of andere distributiemethoden.Control which users can publish template apps or distribute them to clients outside your organization by way of AppSource or other distribution methods.

Instelling voor Sjabloon-apps maken in de Power BI-beheerportal

Sjabloon-apps installeren die in AppSource worden vermeldInstall template apps listed on AppSource

Gebruikers in de organisatie kunnen alleen vanuit AppSource sjabloon-apps downloaden en installeren.Users in the organization can download and install template apps only from AppSource. U bepaalt welke specifieke gebruikers of beveiligingsgroepen sjabloon-apps mogen installeren vanuit AppSource.Control which specific users or security groups can install template apps from AppSource.

Instelling voor Sjabloon-apps installeren in de Power BI-beheerportal

Sjabloon-apps installeren die niet in AppSource worden vermeldInstall template apps not listed on AppSource

U bepaalt welke gebruikers in de organisatie sjabloon-apps mogen downloaden en installeren die niet in AppSource worden vermeld.Control which users in the organization can download and install template apps not listed on AppSource.

Instelling voor Sjabloon-apps installeren in de Power BI-beheerportal

Instellingen voor capaciteitCapacity settings

Power BI PremiumPower BI Premium

Via het tabblad Power BI Premium-instellingen kunt u capaciteiten van Power BI Premium (Em of P SKU) beheren die voor uw organisatie zijn gekocht.The Power BI Premium tab enables you to manage any Power BI Premium capacities (EM or P SKU) that have been purchased for your organization. Alle gebruikers binnen uw organisatie kunnen het tabblad Power BI Premium-instellingen zien, maar ze zien alleen inhoud op het tabblad als ze zijn aangewezen als Capaciteitsbeheerder of als ze beschikken over toewijzingsmachtigingen.All users within your organization can see the Power BI Premium tab, but they only see contents within it if they are assigned as either a Capacity admin or a user that has assignment permissions. Als een gebruiker geen machtigingen heeft, verschijnt het volgende bericht.If a user does not have any permissions, the following message appears.

Geen toegang tot Premium-instellingen

Power BI EmbeddedPower BI Embedded

Via het tabblad Power BI Embedded-instellingen kunt u de capaciteiten van Power BI Embedded (A SKU) bekijken die u voor uw klant hebt aangeschaft.The Power BI Embedded tab enables you to view your Power BI Embedded (A SKU) capacities that you've purchased for your customer. Aangezien u alleen A SKU's vanuit Azure kunt aanschaffen, kunt u ingesloten capaciteiten in Azure beheren vanuit de Azure-portal.Since you can only purchase A SKUs from Azure, you manage embedded capacities in Azure from the Azure portal.

Zie Wat is Power BI Embedded? voor meer informatie over het beheren van Power BI Embedded (A SKU)-instellingen.For more information about how to manage Power BI Embedded (A SKU) settings, see What is Power BI Embedded.

Codes insluitenEmbed codes

Als beheerder kunt u de invoegcodes weergeven die worden gegenereerd voor uw tenant.As an administrator, you can view the embed codes that are generated for your tenant. U kunt ook codes intrekken of verwijderen.You can also revoke or delete codes. Meer informatieLearn more

Codes invoegen binnen de Power Bi-beheerportal

OrganisatievisualsOrganization visuals

Via het tabblad Organisatievisuals kunt u aangepaste visuals binnen uw organisatie implementeren en beheren.The Organization visuals tab enables you to deploy and manage custom visuals inside your organization. Met organisatievisuals kunt u eenvoudig eigen visuals in uw organisatie implementeren. Auteurs van rapporten kunnen deze vervolgens detecteren en vanuit Power BI Desktop in hun rapporten importeren.With organizational visuals, you can easily deploy proprietary visuals in your organization, which report authors can then discover and import into their reports from Power BI Desktop. Meer informatieLearn more

Waarschuwing

Een aangepaste visual kan een code bevatten met beveiligings- of privacyrisico's. Wees er zeker van dat u de auteur en de bron van de aangepaste visual vertrouwt voordat u de visual in de opslagplaats van de organisatie implementeert.A custom visual could contain code with security or privacy risks; make sure you trust the author and the source of the custom visual before deploying to the organization's repository.

De volgende afbeelding toont alle aangepaste visuals die momenteel in de opslagplaats van de organisatie zijn geïmplementeerd.The following image shows all the custom visuals that are currently deployed in an organization's repository.

Visual Organisatiebeheer

Een nieuwe aangepaste visual toevoegenAdd a new custom visual

Volg deze stappen als u een nieuwe aangepaste visual aan de lijst wilt toevoegen.To add a new custom visual to the list, follow these steps.

  1. Selecteer in het rechterdeelvenster de optie Een aangepaste visual toevoegen.In the right pane, select Add a custom visual.

    Formulier voor aangepaste visuals

  2. Vul het formulier Aangepaste visual toevoegen in:Fill in the Add custom visual form:

    • Een PBIVIZ-bestand kiezen (vereist): selecteer een aangepaste visual om te uploaden.Choose a .pbiviz file (required): select a custom visual file to upload. Alleen versies van aangepaste API-visuals worden ondersteund (lees hier wat dit betekent).Only versioned API custom visuals are supported (read here what this means).

    Voordat u een aangepaste visual uploadt, moet u controleren of de beveiliging en privacy van die visual past bij de normen van uw organisatie.Before you upload a custom visual, you should review that visual for security and privacy to make sure it fits your organization's standards.

    • Naam van uw aangepaste visual (vereist): geef een korte titel aan de visual zodat gebruikers van Power BI Desktop gemakkelijk begrijpen wat de visual doet.Name your custom visual (required): give a short title to the visual so Power BI Desktop users easily understand what it does

    • Pictogram: het pictogrambestand dat wordt weergegeven in de gebruikersinterface van Power BI Desktop.Icon: The icon file that is shown in the Power BI Desktop UI.

    • Beschrijving: een korte beschrijving van de visual zodat de gebruiker meer context heeft en weet waarvoor de visual is bedoeld.Description: a short description of the visual to provide more context and education to the user

  3. Selecteer Toevoegen om de uploadaanvraag te starten.Select Add to initiate the upload request. U ziet het nieuwe item in de lijst als de aanvraag is geslaagd.If successful you can see the new item in the list. Als de aanvraag is mislukt, ziet u de bijbehorende foutmeldingIf failed, you can get an appropriate error message

Een aangepaste visual verwijderen uit de lijstDelete a custom visual from the list

Als u een visual permanent wilt verwijderen, selecteert u het prullenbakpictogram voor de visual in de opslagplaats.To permanently delete a visual, select the trash bin icon for the visual in the repository.

Belangrijk

Verwijderen kan niet ongedaan worden gemaakt.Deletion is irreversible. Wanneer de visual is verwijderd, wordt deze onmiddellijk niet meer weergegeven in bestaande rapporten.Once deleted, the visual immediately stops rendering in existing reports. Zelfs als u dezelfde visual opnieuw uploadt, zal deze de vorige die u hebt verwijderd, niet vervangen.Even if you upload the same visual again, it won't replace the previous one that was deleted. Gebruikers kunnen echter de nieuwe visual opnieuw importeren en het exemplaar in hun rapporten vervangen.However, users can import the new visual again and replace the instance they have in their reports.

Een aangepaste visual uit de lijst verwijderenDisable a custom visual in the list

Als u de visual in de opslagplaats wilt uitschakelen, selecteert u het tandwielpictogram.To disable the visual from the organizational store, select the gear icon. In de sectie Toegang kunt u de aangepaste visual uitschakelen.In the Access section, disable the custom visual.

Als de visual is uitgeschakeld, wordt deze niet meer weergegeven in bestaande rapporten en wordt het onderstaande foutbericht weergegeven.After you disable the visual, the visual won't render in existing reports, and it displays the error message below.

Deze aangepaste visual is niet langer beschikbaar. Neem voor meer informatie contact op met uw beheerder.This custom visual is no longer available. Please contact your administrator for details.

Visuals met een bladwijzer werken echter nog steeds.However, visuals that are bookmarked still work.

Na elke update of wijziging door een beheerder, moeten gebruikers van Power BI Desktop de toepassing opnieuw starten of de browser in de Power BI-service vernieuwen om de updates te kunnen zien.After any update or administrator change, Power BI Desktop users should restart the application or refresh the browser in the Power BI service to see the updates.

Een visual bijwerkenUpdate a visual

Selecteer het tandwielpictogram als u de visual wilt bijwerken vanuit de zakelijke opslag.To update the visual from the organizational store, select the gear icon. Blader naar een nieuwe versie van de visual en upload deze.Browse and upload a new version of the visual.

Zorg ervoor dat de id van de visual ongewijzigd blijft.Make sure the Visual ID remains unchanged. Het nieuwe bestand vervangt het vorige bestand voor alle rapporten in de hele organisatie.The new file replaces the previous file for all the reports throughout the organization. Vervang echter niet de vorige versie als de nieuwe versie van de visual een verbruiks- of gegevensstructuur van de vorige versie van de visual kan verbreken.However, if the new version of the visual might break any usage or data structure of the previous version of the visual, then do not replace the previous version. In plaats daarvan moet u een nieuwe vermelding maken voor de nieuwe versie van de visual.Instead, you should create a new listing for the new version of the visual. Voeg bijvoorbeeld een nieuw versienummer (versie X.X) toe aan de titel van de nieuwe vermelde visual.For example, add a new version number (version X.X) to the title of the new listed visual. Op deze manier is het duidelijk dat dit dezelfde visual is, alleen met een bijgewerkt versienummer, zodat bestaande rapporten hun functionaliteit niet verbreken.This way it is clear that it is the same visual just with an updated version number, so existing reports do not break their functionality. Zorg er weer voor dat de id van de visual ongewijzigd blijft.Again, make sure the Visual ID remains unchanged. De volgende keer dat gebruikers toegang hebben tot de opslagplaats van de organisatie vanuit Power BI Desktop, kunnen ze de nieuwe versie importeren, waarbij wordt gevraagd om de huidige versie in hun rapport te vervangen.Then the next time users enter the organization repository from Power BI Desktop, they can import the new version, which prompts them to replace the current version that they have in the report.

Ga naar Veelgestelde vragen over aangepaste visuals voor bedrijven voor meer informatieFor more information, visit Frequently asked questions about organizational custom visuals

Gegevensstroomopslag (preview)Dataflow storage (preview)

Gegevens die worden gebruikt met Power BI worden standaard opgeslagen in de interne opslag die wordt geleverd door Power BI.By default, data used with Power BI is stored in internal storage provided by Power BI. Met de integratie van gegevensstromen en Azure Data Lake Storage Gen2 (ADLS Gen2) kunt u uw gegevensstromen opslaan in het Azure Data Lake Storage Gen2-account van uw organisatie.With the integration of dataflows and Azure Data Lake Storage Gen2 (ADLS Gen2), you can store your dataflows in your organization's Azure Data Lake Storage Gen2 account. Ga naar Integratie van gegevensstromen en Azure Data Lake (preview) voor meer informatie.For more information, see Dataflows and Azure Data Lake integration (Preview).

WerkruimtenWorkspaces

Als beheerder kunt u alle werkruimten bekijken die aanwezig zijn in uw tenant.As an administrator, you can view the workspaces that exist in your tenant. U kunt de lijst werkruimten sorteren en filteren en de details van elke werkruimte weergeven.You can sort and filter the list of workspaces and display the details for each workspace. De tabelkolommen komen overeen met de eigenschappen die worden geretourneerd door de REST API voor Power BI-beheer voor werkruimten.The table columns correspond to the properties returned by the Power BI admin Rest API for workspaces. Persoonlijke werkruimten zijn van het type PersonalGroup, klassieke werkruimten zijn van het type Group en werkruimten met de nieuwe werkruimte-ervaring zijn van het type Workspace.Personal workspaces are of type PersonalGroup, classic workspaces are of type Group, and the new workspace experience workspaces are of type Workspace. Zie De nieuwe werkruimten maken in Power BI voor meer informatie.For more information, see Create the new workspaces in Power BI.

Lijst met werkruimten

Op het tabblad Werkruimten wordt de status voor elke werkruimte weergegeven.On the Workspaces tab, you see the state for each workspace. De volgende tabel bevat meer informatie over de betekenis van deze statussen.The following table gives more details about the meaning of those states.

StaatState BeschrijvingDescription
ActiefActive Een normale werkruimte.A normal workspace. Er wordt geen informatie gegeven over het gebruik of de inhoud ervan, alleen dat de werkruimte zelf 'normaal' is.It doesn't indicate anything about usage or what's inside, only that the workspace itself is "normal".
ZwevendOrphaned Een werkruimte zonder gebruiker met beheerdersrechten.A workspace with no admin user.
VerwijderdDeleted Een verwijderde werkruimte.A deleted workspace. We behouden voldoende metagegevens om de werkruimte desgewenst te herstellen.We maintain enough metadata to restore the workspace if desired.
VerwijderenRemoving Een werkruimte die wordt verwijderd, maar nog niet is verdwenen.A workspace in the process of being deleted, but not gone yet. Gebruikers kunnen hun eigen werkruimten verwijderen door items in Verwijderen en uiteindelijk Verwijderd te plaatsen.Users can delete their own workspaces, putting things into Removing and eventually Deleted.

Aangepaste huisstijlCustom branding

Als beheerder kunt u het uiterlijk van Power BI aanpassen voor uw hele organisatie.As an administrator, you can customize the look of Power BI for your whole organization. Op dit moment zijn er drie hoofdopties:Currently there are three main options:

Opties voor aangepaste huisstijl

  • Logo uploaden: het beste resultaat krijgt u als u een logo uploadt dat is opgeslagen als een PNG-bestand van maximaal 10 kB en ten minste 200 x 30 pixels.Upload Logo: For best results, upload a logo that's saved as a .png, 10 KB or smaller, and at least 200 x 30 pixels.

  • Voorbladafbeelding uploaden: het beste resultaat krijgt u als u een voorbladafbeelding uploadt die is opgeslagen als een JPG- of PNG-bestand van maximaal 1 MB en ten minste 1920 x 160 pixels.Upload Cover image: For best results, upload a cover image that's saved as a .jpg or .png, 1 MB or smaller, and at least 1920 x 160 pixels.

  • Themakleur selecteren: u kunt een thema selecteren op basis van een hexadecimale waarde, een RGB-waarde of uit het beschikbare palet.Select Theme color: You are able to select your theme based on a hex #, RGB, value, or from the provided pallet.

Zie Aangepaste huisstijl voor uw organisatie voor meer informatie.For more information, see Custom branding for your organization.

Lijst met werkruimten

Volgende stappenNext steps

Power BI in uw organisatie beherenAdministering Power BI in your Organization
Understanding the Power BI admin role (Power BI-beheerdersrol)Understanding the Power BI admin role
Power BI controleren in uw organisatieAuditing Power BI in your organization

Hebt u nog vragen?More questions? Misschien dat de Power BI-community het antwoord weetTry asking the Power BI Community