De functies Enable en Disable in PowerAppsEnable and Disable functions in PowerApps

Hiermee schakelt u een signaal in of uit.Turns a signal on or off.

OverzichtOverview

Sommige signalen kunnen vaak wijzigen, waardoor de app opnieuw moet berekenen.Some signals can change often, requiring the app to recalculate as they do. Snelle wijzigingen gedurende een lange periode kunnen de accu van het apparaat snel leeg maken.Rapid changes over a long period of time can drain a device's battery. Met deze functies kunt u handmatig een signaal in- of uitschakelen.You can use these functions to manually turn a signal on or off.

Wanneer een signaal niet wordt gebruikt, wordt het automatisch uitgeschakeld.When a signal isn't being used, it's automatically turned off.

BeschrijvingDescription

De functies Enable en Disable schakelen een signaal respectievelijk in en uit.The Enable and Disable functions turn a signal on and off, respectively.

Deze functies werken op dit moment alleen voor het signaal Location.These functions currently only work for the Location signal.

Deze functies retourneren geen waarde.These functions have no return value. U kunt de functies alleen gebruiken in gedragsformules.You can use them only in behavior formulas.

SyntaxisSyntax

Enable( Signal )Enable( Signal )
Disable( Signal )Disable( Signal )

  • Signal - vereist.Signal - Required. Het signaal om in of uit te schakelen.The signal to turn on or off.